Weblog

Vragen

0

Wie is Jasper?
Jasper was in het jaar 2006-2007 penningmeester van Francken. Hij heeft stage gelopen in de Verenigde Staten en is afgestudeerd bij de vakgroep physics of nanodevices. In diezelfde groep is hij begin 2011 begonnen met zijn promotie-onderzoek. Om een beeld te geven van wat je als promovendus doet schrijft Jasper hier elke maand een blog over.

Jullie lieve blog-lezers hebben natuurlijk, trouwe honden die jullie zijn, het artikel waar ik vorige maand over schreef opgezocht en eens even nieuwsgierig doorgebladerd. En dat heeft ongetwijfeld allerlei vragen opgeroepen. Hoe is mogelijk dat mensen in een lab devices kunnen fabriceren op zo’n kleine schaal? Waarom heb ik per ongeluk op deze link geklikt? Zal ik anders eens kijken op nu.nl?

Ook wij hebben nog enkele open vragen betreffende onze resultaten. Eén daarvan is dat we een vooralsnog onverklaarbaar verschil hebben gevonden tussen ladingsdiffusie en spindiffusie. Onverklaarbaar? Nee, want wij zijn dapper weerstand aan het bieden aan dit verschijnsel en zijn gekomen met een model om het ogenschijnlijke verschil te verklaren. Dit nieuwe model noemen wij het Herenstraat-model. Natuurlijk omdat de Herenstraat de gaafste straat is op het monopolybord, maar ook omdat er een leuke analogie is tussen de diffusie van elektronen en een willekeurige winkeldag in een oneindig lange Herenstraat met oneindig veel winkels.

We gaan er even van uit dat het winkelpubliek willekeurig door de Herenstraat diffundeert, net zoals elektronen door een 1-dimensionaal transportkanaal. Als je het gedrag van deze mensen nauwkeurig wilt omschrijven dan moet je hun diffusiecoëfficent bepalen, die wordt beïnvloed door hoe vaak zij van richting veranderen na het zien van een mooie etalage of een warmebroodjesverkoper. Maar wat gebeurt er nu als onze shoppers besluiten een winkel binnen te gaan, waar zij een tijdje blijven rondhangen en daardoor niet meer bijdragen aan het transport van het totale winkelpubliek door de straat? In feite niets, mits er voor elke persoon die een winkel binnenwandelt, er ook één naar buiten gaat.

Nu geven we elke persoon aan het begin van de winkelstraat een stukje informatie mee. En omdat onze analogie hier een beetje ophoudt, geven wij de persoon dezelfde informatie mee als die we een elektron zouden meegeven, namelijk informatie over zijn spintoestand. Deze toestand heeft overal de kans om te randomiseren, waardoor de spininformatie verloren gaat. Als de shopper nu een winkel instapt, houdt hij op zich door de straat te bewegen, maar hij kan nog steeds zijn spininformatie verliezen. Een dergelijke redenering kun je gebruiken om een verschil te verklaren tussen diffuus transport van lading en van spin in grafeen (grafeen met winkel-toestanden uiteraard, een elektron moet ook wel eens nieuwe schoenen hebben).

Nu zijn er nog aantal vragen die onbeantwoord blijven in dit model. Wat is de ware aard van de winkels? Hoe veel mensen passen er door de draaideuren naar de winkels? Waarom lopen er nog steeds van die irritante gasten met draaiorgels onze koopzondagen te verpesten? Zijn er nog leuke nieuwtjes op Facebook?

Natuurlijk Leider

0

Wie is Mark?
Mark was in het jaar 2007-2008 voorzitter van Francken. Hij heeft stage gelopen in de Verenigde Staten en heeft zijn afstudeeronderzoek gedaan bij de vakgroep materiaalkunde. Als kersverse young professional gaat Mark ons één keer per maand vertellen wat er allemaal op je afkomt als je begint met werken. Ben je op zoek naar een baan? Neem dan eens een kijkje op het carrièreplaza.

Al gedurende mijn hele studententijd heb ik mij geïnteresseerd voor duurzaamheid en duurzame technologie. Tegenwoordig leeft het onder studenten niet minder, maar lijkt de main stream journalistiek zich vaak meer te bekommeren om non-nieuws rond prinsen en de incidentele 140 lettertekens geconcentreerde kortzichtigheid van een geblondeerde roeptoeter. Ik dwaal af.

Met die voorliefde voor duurzaamheid leek de keuze voor wat toch vooral een oliemaatschappij is, een eigenaardige. Ik heb daar een jaar geleden ook flink over na moeten denken, maar de combinatie van inhoudelijk met energie bezig zijn, brede opleidingsmogelijkheden en een sterk internationaal karakter trokken me destijds over de streep. Bovendien hoopte ik dat ik juist binnen een bedrijfmet zo’n impact uiteindelijk invloed kon gaan krijgen op beslissingen die duurzaamheid en energietransitie bevorderen.

In mijn dagelijks werk ben ik onder andere bezig met het ontwikkelen en evalueren van nieuwe mogelijkheden voor gaswinning in Nederland. Nou heb ik al een tijdje een idee om duurzaamheid te integreren in juist deze processen. Dat idee wilde ik eerst een beetje verder uitwerken voordat ik er echt mee aan de slag ging. Slimme jongens en meisjes zoals er bij Francken ook teveel rondlopen gaan er anders maar mee aan de haal voordat het wellicht écht iets is. Dat is ook de reden waarom ik het hier niet verder ga uitleggen…

Maar binnen Shell liep het al anders. Op een young professionalfeestje van mijn werk dat ik mede-organiseerde raakte ik aan de praat met een collega met dezelfde passie voor duurzaamheid en al gauw begon ik mijn idee uit de doeken te doen. Hij was erg enthousiast en een paar dagen later kreeg ik een mailtje van hem. Hij bleek bij een duurzaamheidsplatform betrokken te zijn waar twintig grote bedrijven waaronder Shell in participeren. Dit is -geheel gespeend van grootheidswaan - Leaders for Nature genoemd, een initiatief van de International Union for Conservation of Nature.

Het balletje ging rollen en vorige week in de Burgers Zoo te Arnhem heb ik bij de start van dit forum kort ons idee voor een brede doorsnede van het bedrijfsleven kunnen toelichten . Men lijkt enhousiast, we hebben een paar mooie deals met andere bedrijven kunnen sluiten en we krijgen nu van onze werkgever tijd, ruimte en een paar enthousiaste teamleden om het verder uit te werken. Het leuke is dat ik lang niet alleen dit idee had. Meerdere collega’s hadden hetzelfde plan al langer en zijn al bezig om te kijken naar de mogelijkheden. We kunnen ons dus aansluiten bij een professioneel en breed gedragen initiatief om ons plan vorm te geven. Hopelijk de start van weer een nieuw en leuk project op mijn werk!

Ik vind dit tegelijkertijd ook een mooi moment om afscheid te nemen van het Franckenblog. Ik ben nu een jaar aan het werk en ik denk dat het tijd wordt om de ervaringen van een nieuwe young professional voor het voetlicht te brengen. Ik heb het leuk gevonden om mijn ervaringen op papier te zetten en hoop dat mijn bijdrage is gewaardeerd. Samen met het bestuur ben ik nog bezig om een interessante Engineers Master’s Lecture voor jullie op poten te zetten, dus Francken is nog niet van me af. Daar is het ook een veel te mooie vereniging voor. Wanneer is er trouwens weer een Alumnidag?

Career services

0

Wie is Arjan?
Arjan Boerma is vijfdejaars student technische natuurkunde en oud-secretaris van Francken. Dit jaar is hij student-lid van het opleidingsbestuur en geeft hij ons eens in de maand een kijkje in de keuken van de School of Science and Technology.

Omdat ik deze blog toch niet op tijd af ging krijgen, leek het me wel aardig jelui de keuze te geven waarover ik het ga hebben. Welnu, de stem van het volk heeft gesproken en het zal jelui klaarblijkelijk een rotzorg zijn – dat wil zeggen: op een tweetal (oud-)presides die een sterke voorkeur voor ‘career services’ uitspraken na. Het zal mij eerlijk gezegd ook een zorg zijn, dus career services kunnen ze krijgen.

We mogen altijd graag claimen dat onze faculteit (of in ieder geval ONT) onderzoeksopleidingen aanbiedt, die je voorbereiden op een carrière in de wetenschap, maar de trieste waarheid is TBK dat maar een heel klein percentage van de alumni in het onderzoek blijft. Sterker nog, een aanzienlijk gedeelte van hen gaat de financiële of de consulting-sector in en rekent dus nooit van z’n leven meer een equotion of motion door.

Er zijn verschillende partijen die het belangrijk vinden dat onze opleidingen een goede voorbereiding bieden op de loopbaan daarna, ook als die niet in een lab plaatsvindt, onder andere omdat het zo schijnt te zijn dat studenten tevredener zijn over hun studie als ze een duidelijke link zien met een toekomstig beroep. Om lekker mee te kabbelen in de vaart der volkeren is er een facultaire commissie met de klinkende titel – je voelt ’m aankomen – ‘career services’ die een helder plan heeft opgesteld over hoe dat te realiseren.

Wat gaan die services inhouden? In concreto weinig schokkends, want de curricula zijn overvol en de kas niet, maar dat is niet zo erg. Er wordt immers – het desolate carrièreplaza niettegenstaande – al heel wat aan carrièreoriëntatie georganiseerd door bijvoorbeeld onze eigen Franckenclub. Het primaire actiepunt voor de opleiding is dus zorgen dat wij, studenten, de ruimte hebben om al die kneitersinteressante lunch- of borrellezingen ofwel excursies met lunch en borrel bij te wonen.

Er wordt bijvoorbeeld de aanbeveling gedaan jaarlijks twee dagen als ‘career days1 vrij te roosteren, waarop de studieverenigingen dan de BBD en dergelijke kunnen plannen, want daardoor “wordt een duidelijk signaal aan de studenten afgegeven dat career services en persoonlijke ontwikkeling een hoge prioriteit hebben binnen FWN” – 1% van de tijd, tenminste, want de rest van het jaar blijft de eerste prioriteit gedegen wetenschappelijk onderwijs.

Wat de opleiding wèl lekker zelf gaat doen, is contact zoeken met het “potentiële werkveld van afgestudeerden” – voor zover dat er nog niet is – om te zien of wat we hier aan kennis en competenties opdoen voldoet aan de verwachtingen en de eisen van onze toekomstige werkgevers. Hiertoe worden raden van advies samengesteld, die minstens eens in het jaar bijeenkomen om mee te denken over de plannen van de opleiding.

Aan het kerncurriculum zal dit allemaal weinig veranderen – dus als je liever optiehandel dan optica doet, zal je even moeten doorbijten – maar daarbuiten komt er dus meer gelegenheid om verder te kijken dan tot aan de MSc-titel. En mocht je ondanks deze goede intenties toch concluderen dat het arbeidersleven niets voor jou is, dan kan je altijd alsnog in de wetenschap blijven. Godzijdank.


  1. Hoe minder inhoud, hoe groter de neiging lijkt te bestaan het te verpakken in random Engels. 

Francken 4

0

Wie is Jasper?
Jasper was in het jaar 2010-2011 de voorzitter van Francken. Als kersverse Wijze Heer probeert hij met deze weblog een kijkje te geven in het leven van een master­student/student­assistent.

In het najaar van 2011 ging Francken 4 knallend van start: de verwachtingen waren dusdanig hooggespannen dat meteen op de eerste wedstrijddag de journalisten al stonden te popelen om de spelers te interviewen. Ondanks de extra afleiding die dit met zich mee zou brengen stond Hilbert als trotse aanvoerder de Groninger Studentenkrant toe om als enige nieuwsblad een journalist exclusieve toegang te geven achter de schermen van het vierde futsalteam van Francken. Vanaf de voorbereidingen tot en met de biertjes achteraf werden de spelers op de voet gevolgd (dit levert in deze context de mogelijkheid om een uiterst gemakkelijke grap te maken, hetgeen wordt overgelaten als oefening voor de lezer).

Sinds het verschijnen van het artikel1 is het relatief stil geworden rond dit illustere voetbalteam. Een kleine update lijkt me daarom wel z’n plaats.

De najaarscompetitie van de ACLO vond plaats vanaf september tot en met december 2011. Aanvankelijk ging alles van een leien dakje: de spelers wisten elkaar in het veld blindelings te vinden, elke wedstrijd werd overtuigend gewonnen en Francken 4 steeg binnen afzienbare tijd naar de toppositie in het klassement. Maar hardlopers bleken eens te meer doodlopers. Blessures, evenals studieverplichtingen, hielden enkele sterspelers weken aan de kant. Vanaf de bank moesten de herstellende vedettes machteloos toezien hoe opeens wedstrijd na wedstrijd gelijk werd gespeeld en er zelfs zo nu en dan werd verloren. Nog pijnlijker was het harde feit dat het kampioenschap er niet meer in zat. De enige pleister op deze gapende wond werd gevonden in een afgetekende overwinning tegen de uiteindelijke kampioen: 6 - 1.

Gedurende de winterstop, terwijl mening tegenstander zich ijverig bezighield met de transfermarkt, nam Francken 4 de tijd haar wonden te likken en vooruit te kijken naar de voorjaarscompetitie. Ondanks talloze aanbiedingen van buitenlandse clubs stond Francken 4 drie weken geleden in omgewijzigde samenstelling weer fris op het veld voor de aftrap van het nieuwe seizoen. Na de titel te hebben geroken in de vorige competitie was de wil om te winnen groter dan ooit, en dat bleek. Zelfs in afwezigheid van een aantal belangrijke spelers werden vijf wedstrijden gewonnen van de zes die de afgelopen weken zijn gespeeld.

De koppositie is weer ingenomen en zal niet zonder slag of stoot meer uit handen worden gegeven. Als je Francken 4 de komende 12 wedstrijden wilt steunen op weg naar de titel dan ben je elke vrijdag meer dan welkom om je longen uit je lijf te schreeuwen. Bij voorkeur in de zaal waar gespeeld wordt.

Deze week speelt Francken 4 om 13:00 in de Struikhal en om 14:00 in de HC-hal. Dus wandel vrijdag (24 februari) na de lunch even richting de ACLO om de skills van je favoriete futsalteam te aanschouwen!

1: T. Van Veen, Francken 4: Moeders houdt uw dochters binnen, Groninger Studentenkrant, oktober 2011, pp. 15

Relaxed

1

Wie is Jasper?
Jasper was in het jaar 2006-2007 penningmeester van Francken. Hij heeft stage gelopen in de Verenigde Staten en is afgestudeerd bij de vakgroep physics of nanodevices. In diezelfde groep is hij begin 2011 begonnen met zijn promotie-onderzoek. Om een beeld te geven van wat je als promovendus doet schrijft Jasper hier elke maand een blog over.

Zo, die is binnen! Wat ging er aan vooraf? Let op:

In een elektronisch circuit hoeven we geen rekening te houden met de spin van elektronen. Elektronen bewegen door een circuit omdat ze reageren op het elektrische veld dat ontstaat door een extern aangelegd potentiaalverschil. Transport vindt dus plaats vanwege de lading van het elektron, die door dit elektrische veld in beweging wordt gebracht.

In een spintronisch circuit maakt de spinoriëntatie van elektronen wel degelijk uit. We spreken van een (spin-)gepolariseerde stroom wanneer er transport plaatsvindt, doordat effectief meer spin up-elektronen de ene kant op bewegen, terwijl spin down-elektronen de andere kant op bewegen. Wanneer deze vorm van transport (spintransport) plaatsvindt, zonder dat daarbij effectief lading verplaatst, spreken we van een pure spinstroom.

Wanneer we een ladingsstroom door een ferromagnetisch contact een materiaal in sturen, zal er lokaal een meerderheid zijn van elektronen met een bepaalde spinoriëntatie. De elektrochemische potentiaal van het verschil tussen spin up- en spin down-elektronen heet spinaccumulatie. Deze spinaccumulatie is de drijvende kracht achter een spinstroom, zoals een spanning de drijvende kracht is achter een ladingsstroom.

Een spinaccumulatie in een niet-magnetisch materiaal kan echter niet lang blijven bestaan. Omdat de elektronen interacteren met hun omgeving wordt hun spinoriëntatie na korte tijd gerandomiseerd (spinrelaxatie). Een belangrijke maat waarmee we kunnen aangeven hoe geschikt een materiaal is als kanaal voor een spinstroom is de spinrelaxatietijd. Grafeen wordt door ons gezien als een zeer geschikt materiaal voor spintransport, omdat er weinig mechanismen zijn die bijdragen aan spinrelaxatie. Eerdere metingen aan dit materiaal lieten spinrelaxatietijden zien van rond de 150 ps.

Nu is het gelukt om in ons “nieuwe” grafeen – dit is nog steeds hetzelfde grafeen, maar op een nieuw substraat – spinrelaxatietijden te behalen van 2.5 ns! Dit lijkt niet veel, maar het is wel een orde van grootte hoger.

Verder hebben we nog enkele interessante verschijnselen waargenomen tijdens deze experimenten, maar volgens mij past dat verhaal niet meer in deze blog. Als je er meer over wilt weten kun je me mailen, of je kunt ons zojuist geaccepteerde artikel eens doorlezen.

Jazeker, het is gelukt! Relaxed.

Naar boven